In de collectie van de Stichting Françoise van den Bosch bevinden zich een aantal vroege figuratieve objecten van Françoise. Hoewel figuratie in de vroege jaren zeventig niet paste binnen de canon van de modernistische kunst, was het voor Françoise een manier om haar ideeën over het leven en over inkapseling en vrijheid, vorm te geven. De cirkel, die zij de 'basisvorm van het leven' noemde, was het uitgangspunt van deze objecten. Ze kunnen als persoonlijke uitingen over haar eigen groei en ontwikkeling opgevat worden. Ze gaf deze objecten niet aan de openbaarheid prijs, maar bewaarde ze in haar eigen collectie en gaf ze aan haar familie. Ze bieden een ander beeld van Françoise als een jonge vrouw, die worstelde met haar aristocratische achtergrond en haar angst om betutteld te worden vanwege haar epilepsie. Françoise moest vechten voor haar onafhankelijkheid en daarnaast was ze een gepassioneerde maker die woedend kon worden als het werk niet lukte. Ondanks hun figuratieve karakter zijn deze 'privé' objecten toch verwant aan haar 'officiële' abstracte werk, in de afwisseling van holle en bolle vlakken, en in de materiaalbehandeling.
In juli 1977 overleed Françoise van den Bosch onverwachts op 33-jarige leeftijd, in haar huis in Amsterdam. Zij was in deze periode onder andere bezig met de voorbereiding van een overzichts-tentoonstelling in het Van Reekummuseum Apeldoorn. In 1978 en 79 reisde haar overzichts-tentoonstelling langs 9 musea en kunstcentra in het land, te beginnen in het Stedelijk Museum Amsterdam.
Het Archief van Françoise van den Bosch is ondergebracht bij het Rijksbureau voor
Kunsthistorische Documentatie (RKD), te `s-Gravenhage.